Recept voor ellende

Corona. Je zit thuis. Je werkt thuis. De kinderen zijn thuis. Je partner is thuis. De hele dag. Elke dag.

Hé, laten we wat meer bewegen. Laten we naar buiten gaan. Laten we een hond nemen, goed voor ons, leuk, gezellig, gezond.

Wat voor een hond dan?

Eentje die lief is. En speels. Die er leuk uitziet. Die niet te groot is, maar ook niet te klein. Waarvan je niet teveel werk hebt. Die niet superveel beweging nodig heeft, want dat hoeft nou ook weer niet.

Kids, keren jullie ook even jullie spaarpotjes om?

Wil je een hondje? Wordt het jullie eerste hond? Dan heb ik wel wat tips voor je.

Pup Wil je een pup? Kies een Nederlandse hond. Pups uit het buitenland moeten minstens 15 weken oud zijn, voordat ze naar Nederland mogen komen. Op die leeftijd is de belangrijke vroege socialisatiefase waarin de pup went aan de buitenwereld en zich het beste hecht aan een nieuwe eigenaar al voorbij.

Broodfok Biedt een fokker pups aan van verschillende rassen, dan gaat het vaak om broodfok. Honden zijn daar handelswaar. Niet het welzijn van de hond staat voorop, maar het welzijn van de portemonnee van de fokker. Blijf daar weg. Je wilt geen schattige pup die niet goed gesocialiseerd is, daar merken de pup en jijzelf jullie hele leven de gevolgen van; je wilt geen pup die ziek wordt.

Zwerfhond? Ook de opvang van buitenlandse zwerfhonden in Nederland houdt een ongezonde situatie in stand. Vraag je af hoe het kan dat de geboortedatum van de pup zo precies bekend is, is de moederhond in het opvangcentrum bevallen? Vraag je af of dit een verantwoorde manier van opvangen is of een verdienmodel? Vraag je af of jij de verzorger wilt worden van een hond die het eigendom blijft van een stichting? Wat gebeurt er als jij en de stichting van mening verschillen over wat de beste manier is om ziekte of een gedragsprobleem van “jouw” hond aan te pakken? Er zijn gevallen bekend waar zo’n stichting de hond heeft afgepakt van zijn baasje.

Vraag en aanbod De vraag naar honden is op het moment zo groot, dat zelfs de asiels zo’n beetje leeg zijn, op de gebruikelijk Staffords na. Dit zijn geen honden voor beginners. Ook de herplaatsers bij rasverenigingen zijn niet aan te slepen. Het gevolg is uiteraard dat de prijzen stijgen.

Prijzen voor honden beginnen ongeveer bij €325. Importhonden kosten rond de €300, soms komt daar nog eens €50 voor een verplicht veiligheidstuigje overheen. Voor gewone rashonden en de nieuwe zogenaamde designerhonden wordt tegenwoordig een vermogen gevraagd. Designerhonden zijn honden die geen rashond zijn, maar een mix van twee verschillende rassen. De bekendste designerhond is de Labradoodle. Prijzen voor een Labradoodle pup variëren van €1500 tot €2500.

De duurste pups die momenteel op bijvoorbeeld Marktplaats worden aangeboden zijn voor de dwergkees, die in de advertenties altijd bij hun chique naam worden genoemd: Pomeriaan. Prijs voor de duurste €3450. Niet alleen komt deze hond uit het buitenland en is hij dus minstens 15 weken oud, je hebt geen enkel zicht op de omstandigheden waarin deze hondjes geboren zijn.

Onzinclaims De Labradoodle is een mix van (in eerste instantie) de Labrador retriever en de poedel. Dit nieuwe merk was tot een jaar of vijf geleden vrij zeldzaam en werd vooral aan de man gebracht als hulphond en anti-allergiehond. De Labradoodle wordt nog steeds verkocht als “niet verharend” en bij uitstek geschikt voor mensen met astma. Het is de vraag wat er van deze claims overeind blijft na wetenschappelijk onderzoek.

Wie denkt dat deze kruising een hond oplevert die half-om-half retrieverachtig en poedelig is, zal worden teleurgesteld: meestal wordt steeds meer poedel ingefokt en ontstaat een vrij drukke hond.

Alledaagse hufterigheid – de serie

Het park is na elke warme avond een puinhoop. De zware volle wijnflessen en tassen vol BBQ-spullen worden moeiteloos het park in gedragen, maar zodra alles op is en er alleen nog verpakkingen en restjes overblijven, is het opeens te moeilijk om op te ruimen.

Boodschappentassen vol zooi worden naast de niet eens volle vuilnisbak gezet, teveel werk om de pizzadozen zo klein te vouwen dat ze in de bak passen, te lastig om de blikjes per stuk in de bak te gooien …  

Vervolgens komen de kraaien en pikken alles open, waardoor alle etensresten en de smerige wegwerp-BBQs verspreid worden.

En daarna komen de honden die de plastic bakjes met restjes saus of slaatjes aflikken, en de folie waarmee de vleesspiesjes waren afgedekt en de splinterende satéstokjes aflebberen of in hun geheel naar binnen werken. 

Er is iemand die elke dag nieuwe gewone huisvuilzakken ophangt bij alle te kleine gemeentelijke vuilnisbakken, en bij elk picknickplekje, bij elk bankje. Elke dag nieuwe, uit eigen zak betaald. Er zijn ook mensen die regelmatig met hun eigen grijper en vuilniszak het park door gaan en alles opruimen wat ze tegenkomen aan afval.

Zie je die geestige sticker? Helpt niks.

Tegenwoordig ruim ik alles wat ik tegenkom op: elke snipper zooi, lege kratjes, blikjes, kroonkurken, sigarettenfilters, shagzakjes, vloeipakjes, gebruikte naalden en dito condooms, volle zakdoekjes, mondkapjes, broodzakken. Niet omdat het mijn hobby is, of mijn werk. Maar gewoon omdat ik me anders morgen weer kapot erger aan de zooi.

Dit bericht begon zijn leven als reactie op een stukje van een nu niet meer terug te vinden blog … Ik wilde reageren op haar blog, maar mijn reactie werd zo onfatsoenlijk lang (langer dan haar hele bericht), dat ik er maar een bericht op mijn eigen site van heb gemaakt.

Bedankt voor het lezen, en tot de volgende keer.

Moord

Ik heb een heel volk vermoord.

Per ongeluk.

Maar toch.

Het begon met het idee dat al die planten bij het schuurtje het veld moesten ruimen voor een oud kastje. Het oude kastje kwam van de slaapkamer en moest het veld ruimen voor een nog ouder kastje. Wat weer een erfstuk was dat moest verhuizen toen de eigenaar ervan overleed.

Voordat ik nog verder terugga in de tijd nu eerst maar eens terug naar het uitgeroeide volk dat leefde in de aarde naast het schuurtje. Het volk dat ik nog heb geprobeerd te redden toen ik doorkreeg dat ik ze aan het vermoorden was.

Wat het precies zijn weet ik niet, metselbijen of zandbijen of misschien zijn dat dezelfde of …?

In de aarde waaruit ik al heel veel planten had losgetrokken, zaten gekke bolletjes die ik nog nooit eerder had gezien. Nou wemelt het daar in de buurt vaker van dingen die ik nog niet eerder zag, zoals vreemde anorectische minidwergdennetjes, die ik inmiddels ken als paardestaart, heermoes, Equisetum arvense. Vermoedelijk is deze afstammeling van de varens onze tuin ingereisd met het straatzand dat we lieten storten op de plek waar het schuurtje moest komen.

Net als een varen heeft heermoes geen bloemen maar sporen waarmee hij of zij zich verpreidt. Er is geen kruid tegen gewassen, zover ik weet. Het enige wat ik er tegen doe, is plukken. En meteen en rechtstreeks (dus zonder het onkruidbakje te gebruiken) in de groene kliko ermee.

De gekke bolletjes die ondergronds opdoken (wat, toegegeven, een wat merkwaardige uitdrukking is voor onbeweeglijke bolletjes), die bolletjes bleken de woonst van bijen. Nu zoemt het daar in de buurt altijd van de bijen, want ik probeer zo bijvriendelijk-mogelijk te tuinieren. Het kwartje viel pas toen meerdere bijen naar en van de bolletjes begonnen te vliegen en er zelfs een heel dikke, heel grote bij in het midden verscheen.

Vervolgens heb ik alles fout gedaan wat je maar fout kunt doen. De koningin heb ik verplaatst, de bolletjes opgegraven en op een andere zanderige plek neergelegd. In de zon, omdat bijen van warmte houden, toch? Maar de oorspronkelijke plek is zo ongeveer de koudste in mijn tuin, donker en vaak vochtig …

Na al dit geweld raakten de bamboestengels in alle drie de kleine bijenhotels vlakbij het hol (?) leger en leger. En mijn gemoed zwaarder en zwaarder. Dus nu moet ik voor de rest van mijn leven boete doen. Geen honing meer eten. Tuin aanpassen, alleen nog maar planten erin die een wezenlijke bij-drage leveren aan het welzijn van de bijen.

Och, en laat dat nou helemaal samenvallen met mijn eigen wensen.

Dus daar kom ik mooi mee weg.

Blender

De berenspeurtocht stelde mij voor een dilemma. Leuk om ook een beer in de vensterbank te zetten, onze wijk a.k.a. suburbia wemelt tenslotte van de

kleine kinderen die ik op deze manier plezier kan doen. Tegelijkertijd is de enige beer in huis wel van onze hond Raizah.

Hoewel ik de pyama van de beer af en toe was, krijg ik daarmee niet de afgekauwde randjes van des beers pyamajasje terug en benadrukt het dan frisgewassen roodwitte ruitje des te meer de algehele sjofelheid van Beer.

Maar als beer des huizes mocht hij toch in de vensterbank en moest hond zich een tijdlang vermaken met haar overgebleven speelgoedjes:

Even afgeleefd en harig als Beer, dus vertrouwd

Nou neemt Beer wel een speciale plek in in het leven van onze hond, omdat hij niet alleen als speelgoed dienst doet, maar ook als zoekspelobject, prooi – om te delen met de baas, samen om het hardst trekken – en als hoofdkussen.

portret van Beer

Daarom besloot ik Beer niet beneden in de vensterbank te zetten, waar hij elke keer weer geroken en misschien gemist zou worden door Raizah. Beer kwam een verdieping hoger in de vensterbank, waar hij tronend op een opvallende oranje vaas de show mocht stelen, vergezeld door zijn makker MiniMe.

Raizah en MiniMe (pasteltekening)

Bleef de vraag wat er nu beneden in de vensterbank kon staan. Enter Teddy. Teddy is een in Blender gemaakte teddybeer, waarvan ik een plaatje heb gemaakt.

Teddy met tante Lieve en oudoom Nurks

Wat de berenspeurtocht betreft, ik hoop dat dit plaatje van een beer evenveel meetelt als een echte beer.

Zevenblad bestrijden

text A Garden is a Friend you can Visit Anytime

Achttien jaar geleden verhuisden wij van een oud en tochtig huis naar een goed geïsoleerd nieuwbouwhuis in een zeiknatte nieuwbouwwijk. Een heerlijk nieuw huis, maar kijkend vanuit huis over de nieuwe “tuin” drong zich nog het meest de associatie met het Finse meren-gebied op.

In die grauwe natte leegheid plantte ik een rhodo die ik uit de oude tuin had gehaald. Naïeve geit! In de kluit verschool zich listig wat zevenblad.

Kunnen planten juichen? Zo ja, dan heeft de verstekeling zich bij de aanblik van zoveel vierkante meters Lebensraum ongetwijfeld ‘t keeltje schor geschreeuwd. De rhodo legde uiteraard in no time het loodje, terwijl het zevenblad onverdroten uitbreidde.

Je kunt zevenblad op veel manieren bestrijden, las ik hier en daar op het onvolprezen www. Wat me daarbij opvalt, afgezien van het feit dat iedereen elkaar napraat, is de onmogelijkheid van de aangeboden oplossingen. Ja, je kunt zevenblad vast wel bestrijden door je grond drie maanden onder water te zetten, maar hé, hoe praktisch is dat?

Je kunt natuurlijk proberen het zelf allemaal op te eten (en nee, dit heb ik zelf niet uitgeprobeerd, want daarvoor heb ik inmiddels te weinig zevenblad in mijn tuin):

 

Maar als je daarin geen zin hebt, dan is er ook wel een plantaardige manier die zowel effectief als decoratief is: zet bij zevenblad gewoon planten die de concurrentie ermee aan kunnen, of die het zelfs verslaan als het om uitbreidingsdrift gaat. Hiermee heb ik ook meteen het nadeel van deze methode te pakken: veel van de planten die zevenblad aankunnen, zijn zelf ook flinke woekeraars. Toch kun je dan beter de Geranium macrorrhizum hebben groeien dan zevenblad, want deze Geranium ruk je zo uit de grond als het je niet langer bevalt. En dan is ie ook echt weg. Of beter nog: geef hem door aan de volgende die van het zevenblad wil worden verlost.

Met stip op 1 dus deze Geranium macrorrhizum, wegens alles-in-één: kan op elke plek – in de zon, in halfschaduw, in de schaduw – en in elke grondsoort. Een goed groeiende plant, wintergroen, geurig blad, sterk, geweldige concurrent van het zevenblad. Hier een uitgebreidere beschrijving.

Continue reading